Gepost door: Tjibbe van der Veen | 1 mei 2013

Engelen, Browning, Godwin en bankiers

Tijdens de ‘Nacht van de Filosofie’ op vrijdagavond en –nacht 12 april 2013, vond er een discussie plaats met Bram BakkerEwald EngelenJeroen Smit en Joris Luyendijk. Onderwerp was de vraag wie zijn bankiers en wat zijn hun drijfveren? Kunnen we verslaafd zijn aan geld? Hoe moeten we bankiers en hun wereld begrijpen? Hoe ziet een normale dag er voor hen uit? Wat DOEN ze? Kortom een gesprek over de ware aard van de bankier.

Het was in dit gesprek dat Engelen de auteur Christopher Browning aanhaalde en zijn boek ‘Ordinary men’, over een reserve politiebataljon van de Ordnungspolizei dat werd ingezet bij de executies en deportaties van Joden in het Lublin-district in Polen. Hij maakte een onvervalste Godwin door de parallel te maken met bankiers als ‘gewone mensen’ die de ‘dingen’ goed doen, in plaats van de goede dingen.

Is het dan echt zo slecht gesteld met onze financiële sector? Is het feit dat de kredietverstrekking aan het MKB welhaast is stilgevallen te wijten aan de doorgeschoten bureaucratie en misinterpretatie van de regelgeving van de AFM binnen de banken? Gaat de letter van de wet in de praktijk voor de geest van de wet? Hoe kunnen we ervoor zorgen dat consumenten bankiers weer gaan vertrouwen?

Na een aantal blogposts over het vaststellen van het probleem hoop ik in volgende blogposts ook concrete aanbevelingen te doen. Mocht je commentaar of ideeën hebben, dan hoor ik het graag!

Gepost door: Tjibbe van der Veen | 24 april 2013

De politiek commissaris en de financiële sector

2013-04-24 Enemy_at_the_gates 2014-04-23 Hunt for Red October

In de blogpost ‘Bankieren in de Matrix?‘ leg ik een relatie tussen de film en de dagelijkse realiteit binnen banken. Voortbordurend op de link tussen filmische verbeelding en duiding van ‘in control’ zijn binnen de financiële sector deze keer een vergelijking tussen de oude, communistische Sovjet Unie en de dagelijkse praktijk in ons bankwezen.

In diverse films waarin communistisch Rusland en het Rode Leger centraal staan, komt het personage van de politiek officier of commissaris voor. Denk hierbij aan films als ‘Enemy at the gates‘ en ‘The hunt for Red October‘. Het Rode Leger was zodanig georganiseerd dat er behalve een militaire leiding ook een politieke leiding aanwezig was. Naast iedere bevelhebber van een legergroep of regiment stond een politiek commissaris. Deze diende ervoor te zorgen dat de soldaten en officieren communistisch geschoold zouden worden.

De proces- of businesscontroller laat zich vergelijken met deze politiek commissaris, althans op de manier zoals er volgens mij bij veel banken invulling aan deze functies wordt gegeven. De Autoriteit Financiële Markten heeft heel goed voor ogen hoe een oprecht en eerlijk advies eruit ziet, en vraagt van de financiële sector dat we onze klanten behandelen zoals we zelf behandeld willen worden. Hierbij leiden oprechtheid en klantgerichtheid automatisch tot passendheid van het advies.

Hoe kan het dan dat de wet- en regelgeving vanuit diverse toezichthouders zo geïnterpreteerd en uitgewerkt wordt in de branche dat de kredietverlening aan de particulier en het MKB welhaast tot stilstand lijkt gekomen? Door de crisis zijn we nu van een situatie waarin alles mogelijk was qua financiering terecht gekomen in een situatie waarin niets meer kan. Waar het accent voorheen te sterk op commercie lag, ligt deze nu te sterk op compliance? Luistert de sector te veel naar de politiek commissaris, waardoor er sprake is van twee kapiteins op het schip?

In mijn paper voor de CDA Talentacademie ‘Naar een dienstbare financiële sector‘ benoem ik het gevaar van de doorgeschoten functiescheiding binnen de sector. Die heeft ertoe geleid dat een commerciële ‘winner’ zich evenmin verantwoordelijk voelt voor het welzijn van de klant als de risicomijdende ‘uitwinner’. Zoals zo vaak geldt ook hier wellicht de aloude (tegeltjes)wijsheid dat ‘té’ niet goed is, behalve ‘tevreden’? Misschien dat de zoektocht in de sector vooral ook te maken heeft met in balans zijn?

Wie het weet mag het zeggen!

Ik ben benieuwd naar je mening of reactie op bovenstaande, dus reageer vooral!

Gepost door: Tjibbe van der Veen | 17 april 2013

Bankieren in de matrix?

Afbeelding

Afgelopen vrijdagavond was in de Beurs van Berlage te Amsterdam de Nacht van de Filosofie. Een van de sprekers was Tomáš Sedláček die in zijn boek ‘De economie van goed en kwaad’ een vergelijking maakt tussen de ‘echte’ (leef)wereld en een schijnwereld (de matrix) waarin het ‘systeem’ oppermachtig is en alles bepaalt.

De gedachte bekroop me dat ons huidige bankwezen in de kern verworden is tot dezelfde Matrix. De Matrix is een computersimulatie van de wereld zoals deze was in 1999, gemaakt om mensen onder controle te houden. De Matrix is echter geen foutloze simulatie en sommige regels in de programmatuur kunnen gebruikt worden om het ‘goede’ te doen. Dit is essentieel, want de Matrix wordt bewaakt door agenten, intelligente programma’s die overal kunnen opduiken.

De hoofdpersoon Neo is te vergelijken met de AFM die het goede wil doen en die inziet dat klanten behoefte hebben aan een goed advies en krediet om de bloedsomploop in zijn of haar bedrijf op gang te houden, om vrij te kunnen leven, vrij te kunnen ademen. Zijn tegenpool is agent Smith die, om een perfecte wereld te creëren en te behouden, zichzelf blijft dupliceren. Agent Smith is de compliance officer, de proces- of businesscontroller. De verpersoonlijking van de uit zijn voegen gegroeide control- en compliance cultuur binnen de banken.

De oorspronkelijke intentie van de matrix was goed. Aan het eind van deel 1 van de Matrix zegt agent Smith: ‘De matrix (lees: het bankwezen) werd ontworpen om een perfecte wereld te creëren voor de mens. Een wereld waarin niemand hoeft te lijden (lees: waarin iedereen volop krediet(mogelijkheden) had), waarin iedereen gelukkig kon zijn’. Helaas was dit wel een wereld die volledig gebaseerd was op eeuwigdurende groei en oneindige beschikbaarheid van krediet, waardoor groei een doel op zich werd.

Smith vervolgt door te zeggen: ‘sommigen denken dat wij niet beschikken over de programmeertaal (lees: de invulling en interpretatie van de wet- en regelgeving, van de AFM en DNB) om de volmaakte wereld te beschrijven’. Is het misschien daarom dat de matrix bezig blijft met programmeren van nieuwe regels (lees: blijft vragen om gesloten normen) en het aantrekken van meer ‘agents Smith’?

Vertaling naar onze wereld leert dat er door het accent te leggen op ‘de dingen goed doen’ totaal geen focus meer is binnen de banken om ‘de goede dingen te doen’, namelijk het in stand houden van de noodzakelijke kredietverlening, de bloedsomloop van onze economie. Door het accent bij de beoordeling van een kredietaanvraag te leggen op de cijfermatige kant vervaagt de aandacht voor de ‘zachte’ aspecten van een kredietaanvraag: ‘de vent, de tent’ / ‘de vrouw, het gebouw’, de visie van de ondernemer en het (collectief) vertrouwen in de toekomst.

Neo / de AFM laat ons een andere weg zien, dé andere weg. Als het in je DNA zit om het goede te doen, als je kennis van zaken hebt én de juiste mentaliteit zijn veel regels niet nodig. De bijbelvertaling ‘het boek’ stelt in Romeinen 13:10 ‘Wie van zijn medemens houdt, doet hem geen kwaad. Als er werkelijk liefde is, worden de andere voorschriften overbodig’.

Zijn we bereid om de bankier als professional te vertrouwen? Mogen we ons baseren op zijn of haar ‘gevoel’? Dat als hij/zij het eigen geld niet durft uit te lenen aan de klant, het dan beter niet kan? Mogen we er dan ook op vertrouwen dat als de cijfers ‘nee’ zeggen, maar het idee of de ondernemer en zijn of haar onderneming een duidelijk ‘ja’ oproepen dat het dan wel kan?

Wie het weet mag het zeggen!

Categorieën